Naar de inhoud
Midflyt
Werkoverleg

Werkoverleg: het bord is de agenda

Wat iemand inbrengt, wordt besproken en eindigt in een besluit of een actie.

Kanbanbord Overleg met de kolommen Inbreng, Besproken, Acties, Geparkeerd en Afgerond

Herken je dit?

Besluiten uit het werkoverleg zijn een week later weer vergeten.
Het overleg loopt elke keer uit, en de belangrijkste punten schieten erbij in.
Wie een punt inbrengt, weet niet of het ooit besproken wordt.
Of de acties van vorige keer zijn gedaan, vraagt niemand.

Wat is een werkoverleg, en waarvoor is het?

Een werkoverleg is het vaste moment waarop een team samen kijkt naar het werk. Niet om elkaar te vertellen wat iedereen heeft gedaan, maar om te besluiten wat nodig is: wat zit vast, wat pakken we op, en wie doet wat.

Een goed werkoverleg levert iets op wat je na afloop kunt aanwijzen: een besluit, een actie met een naam erbij, of een onderwerp dat bewust naar volgende keer gaat. Een overleg waar dat niet uitkomt, voelt als verloren tijd. En dat is het ook.

Het doel van een werkoverleg

  • Afspraken maken over het werk dat het hele team aangaat.
  • Bespreken wat vastzit en niet door één persoon op te lossen is.
  • Nagaan of wat vorige keer is afgesproken, ook is gedaan.
  • Onderwerpen bespreken die collega's hebben ingebracht.

Werkoverleg of teamoverleg?

Werkoverleg en teamoverleg zijn twee woorden voor hetzelfde: het vaste overleg waarin een team samen naar het werk kijkt. In de ene organisatie heet het zo, in de andere zo. Wat telt, is niet de naam maar wat eruit komt: besluiten, acties met een naam en onderwerpen die bewust naar volgende keer gaan.

Wat een teamoverleg niet is

Geen mededelingenrondje: wat ook in een mail kan, hoort niet op de agenda. En geen overdracht. De overdracht tussen diensten in de zorg, de afstemming voor de dienst in de horeca of de afspraken op de bouwplaats gaan over vandaag. Daarvoor is een korte dagstart. Het werkoverleg kijkt verder: wat zit vast, wat komt steeds terug, en wat moet het team samen besluiten?

Een check-in om te beginnen

Begin het teamoverleg met een korte check-in: hoe staat iedereen erin? Dan heeft iedereen meteen iets gezegd, en is de drempel lager om later iets in te brengen.

Een agenda voor het werkoverleg: een voorbeeld

De beste agenda is elke keer hetzelfde. Dan hoeft niemand hem te maken, en weet iedereen wat er komt.

1. Check-in

Kort: hoe staat iedereen erin, en is er iets wat het overleg vandaag beïnvloedt?

2. Besluiten en acties van vorige keer

Loop de acties langs die vorige keer zijn afgesproken. Is het gedaan? Zo nee, wat is er nodig? Dit punt maakt het verschil tussen een overleg waar afspraken blijven hangen en een overleg waar ze worden uitgevoerd. Wie weet dat de vraag komt, doet het vaker.

3. De onderwerpen die het team heeft ingebracht

Neem ze één voor één. Elk onderwerp eindigt op een van drie manieren: een besluit, een actie met een naam en een moment, of volgende keer. Spreek dat hardop af voordat je naar het volgende punt gaat.

4. Afronden

Wat hebben we besloten, wie doet wat? Wie stuurt het verslag?

Een voorbeeld uit het onderwijs

Het team van een basisschool heeft deze week drie onderwerpen ingebracht: de pleinwacht bij regen, het rooster voor de oudergesprekken en de keuze voor een nieuw rekenboek. Vorige keer zijn er twee acties afgesproken: een brief aan de ouders over het schoolreisje, en het invalrooster bij ziekte rondsturen. Het overleg begint bij die twee acties. De brief is verstuurd. Het invalrooster nog niet: daar is iets anders voor nodig, en dat wordt een nieuwe afspraak.

Een werkoverleg voorbereiden

Een goed werkoverleg begint voordat iemand aan tafel zit. Wie het voorbereidt, voorkomt dat het overleg vastloopt op een onderwerp waar niemand over kan besluiten, of op informatie die er niet ligt.

Zo bereid je een werkoverleg voor

  1. Kijk naar de acties van vorige keer. Wat is gedaan, wat niet? Daar gaat het eerste agendapunt over.
  2. Kijk wat er is ingebracht. Is elk onderwerp duidelijk? Wat vraagt de inbrenger van het team: meedenken, een besluit, of alleen weten?
  3. Kies per onderwerp de vorm. Informeren, meningen ophalen of besluiten. Weet het team dat niet, dan wordt elk onderwerp een discussie.
  4. Zorg dat de informatie er ligt. Niet door het zelf te maken, maar door op tijd te vragen of het lukt.
  5. Kijk wie erbij moet zijn. Moet er een besluit vallen, dan moet wie dat besluit mag nemen er ook zijn.

Een vast format voor de agenda

Gebruik elke keer hetzelfde format: check-in, besluiten en acties van vorige keer, de ingebrachte onderwerpen, afronden. Dan hoeft niemand de agenda opnieuw te bedenken. Op een kanbanbord voor het overleg staat de agenda vanzelf klaar: wat in Inbreng staat, staat op de agenda van het eerstvolgende overleg.

Een voorbeeld uit de bouw

Bij een installatiebedrijf bereidt de werkvoorbereider het werkoverleg voor. Ingebracht zijn de levertijd van een onderdeel en een vraag over de nieuwe werkbonnen. Over de levertijd moet een besluit vallen, dus de projectleider moet erbij zijn. De werkbonnen zijn alleen informeren: dat kan kort.

Onderwerpen inbrengen: zo komt alles op de agenda

In veel teams komen punten voor het overleg binnen via de gang, de mail en de groepsapp. De voorzitter verzamelt ze, of vergeet er een paar. Wie een punt inbrengt, weet niet of het ooit besproken wordt.

Het werkt beter als iedereen zijn onderwerp zelf neerzet op één plek die het hele team ziet. Op een bord voor het overleg is dat een kolom Inbreng: elk onderwerp is een kaartje met de naam van wie het inbracht. Wat daar staat, is de agenda.

Wat een goed ingebracht onderwerp is

Een onderwerp dat het team aangaat en waar het team iets over kan besluiten. Schrijf het zo dat iedereen begrijpt waar het om gaat: niet "rooster" maar "rooster oudergesprekken". Wie inbrengt, zegt aan het begin wat hij van het team vraagt: meedenken, een besluit, of alleen weten.

Wat niet in het werkoverleg hoort

Mededelingen die ook in een mail kunnen. Een onderwerp dat maar twee mensen aangaat. En discussies die al drie keer zijn gevoerd zonder uitkomst: die hebben eerst iemand nodig die het voorbereidt.

Hoe lang en hoe vaak houd je werkoverleg?

De meeste teams overleggen één keer per week of één keer per twee weken. Belangrijker dan hoe vaak is dat het overleg op een vast moment is. Dan plant iedereen eromheen, en schuift het niet steeds op als het druk is.

Houd het zo kort als het kan. Spreek een eindtijd af en houd je eraan. Wat niet past, gaat naar volgende keer. Een overleg dat elke keer uitloopt, leert het team dat de eindtijd niets betekent, en de belangrijkste punten schieten er aan het eind bij in.

Uitlopen kost meer dan je denkt

Reken het eens uit: het aantal mensen aan tafel keer de tijd dat het overleg uitloopt, keer het aantal keer per jaar. Dat zijn al snel honderden uren. Een vaste agenda en een duidelijke uitkomst per onderwerp zijn de snelste manier om die tijd terug te winnen.

Zorgen dat afspraken ook worden uitgevoerd

Besluiten die in de notulen verdwijnen, zijn het grootste probleem van een werkoverleg. Een week later weet niemand meer wat er precies is afgesproken, en hetzelfde onderwerp staat weer op de agenda.

Een besluit is iets anders dan een actie

Een besluit is een keuze die het team maakt: "we starten met het nieuwe rooster na de kerstvakantie". Een actie is iets wat iemand gaat doen: "Nadia stuurt het rooster rond, vóór het volgende overleg". Leg beide vast, maar op een andere plek. Besluiten in een besluitenlijst die het team kan teruglezen. Acties op het bord, met een naam en een datum, zodat ze zichtbaar blijven tot ze af zijn.

Het verslag

Een verslag hoeft geen uitgeschreven notulen te zijn. Wat telt: welke besluiten, welke acties, en wat gaat naar volgende keer. Hoe sneller het verslag bij het team is, hoe beter. Een verslag dat een week later komt, leest niemand meer.

2 kanbanborden naast elkaar: Werkoverleg en Teambord

Een verslag van het werkoverleg: notulen of besluiten en acties

Uitgeschreven notulen kosten veel tijd, en ze worden weinig gelezen. Wie een week later wil weten wat er is afgesproken, zoekt drie dingen: wat is er besloten, wie doet wat, en wat gaat naar volgende keer? Een goed verslag geeft precies dat.

Notulen van een werkoverleg: een voorbeeld

Zo kan het verslag van het werkoverleg van een verpleegafdeling eruitzien:

OnderwerpUitkomstWieWanneer
Acties van vorige keerOverdrachtslijst aangepast: gedaan. Rooster voor de feestdagen rondsturen: nog niet.Sannevóór het volgende overleg
Overdracht aan bedBesluit: we proberen het op de vroege dienst en bespreken daarna wat het liet zien.het team
Wondzorgmateriaal dat steeds op isActie: lijst maken van wat steeds op is, en die naar inkoop sturen.Ahmedvóór het volgende overleg
Pauzeruimte opknappenVolgende keer: eerst navragen wat er mag.Lotte

Wat er in het verslag hoort

  • De besluiten, in een zin die iemand later nog begrijpt.
  • De acties, met een naam en een moment.
  • Wat naar volgende keer gaat, en waarom.
  • Wie er was.

Wat er niet in hoeft: wie wat zei. Het verslag is er om afspraken terug te vinden, niet om de discussie na te vertellen. Besluiten bewaar je daarnaast in een besluitenlijst, zodat niemand door oude verslagen hoeft te bladeren.

Een werkoverleg effectiever maken

Laat iemand het overleg voorbereiden

Iemand die de agenda bekijkt, nagaat of de acties van vorige keer zijn gedaan en weet welke onderwerpen veel tijd gaan kosten. Dat hoeft niet de teamleider te zijn.

Begin bij wat vastzit

Niet bij een rondje. Wat vastzit, heeft het team nodig. Wat goed loopt, staat op het bord.

Laat elk onderwerp eindigen

In een besluit, een actie of volgende keer. Noem het hardop. Een onderwerp zonder uitkomst komt vanzelf terug.

Parkeer bewust

Een goed idee waar nu geen tijd voor is, verdwijnt niet als je het parkeert. Zet het in een aparte kolom en kijk er af en toe naar. Zo blijft de agenda van vandaag over vandaag gaan.

Zo werkt het in Midflyt

Op het bord

Op dit bord is elk kaartje een onderwerp dat iemand inbrengt. De kolommen zijn Inbreng, Besproken, Acties, Geparkeerd en Afgerond. Wat in Inbreng staat, staat vanzelf op de agenda van het eerstvolgende overleg.

In het overleg

In het overleg kijk je eerst of de besluiten en acties van vorige keer zijn uitgevoerd. Daarna de onderwerpen, één voor één. Elk onderwerp eindigt in een besluit, een actie of volgende keer. Een besluit komt in de besluitenlijst. Een actie komt op het werkbord, of in de kolom Acties als jullie geen werkbord hebben. Bij volgende keer blijft het kaartje in Inbreng staan.

Hoe vaak

Jullie overleggen elke week (of elke twee weken).

Vragen over het werkoverleg

Wat bespreek je in een werkoverleg?

Wat er sinds vorige keer is gebeurd met de afspraken, wat nu vastzit en wat het team als volgende oppakt. Wat iedereen deze week gedaan heeft, hoort er niet in. Dat staat op het bord.

Hoe ziet een goede agenda voor het werkoverleg eruit?

Kort en elke keer hetzelfde: een korte check-in, de besluiten en acties van vorige keer, de onderwerpen die het team heeft ingebracht, en afronden. Op een kanbanbord voor het overleg is het bord de agenda: wat iemand inbrengt, staat er vanzelf op.

Hoe lang duurt een werkoverleg?

Zo kort als het kan. Hoe langer het overleg, hoe minder er blijft hangen. Spreek een eindtijd af en houd je eraan. Wat niet past, gaat naar volgende keer.

Hoe vaak houd je werkoverleg?

De meeste teams één keer per week of één keer per twee weken. Belangrijker dan hoe vaak is dat het overleg elke keer op hetzelfde moment is.

Hoe zorg je dat afspraken uit het werkoverleg ook worden uitgevoerd?

Elke afspraak krijgt een naam en een moment. Begin het volgende overleg met de vraag of het is gedaan. Wie weet dat die vraag komt, doet het vaker.

Hoe maak je een werkoverleg effectiever?

Laat iemand het overleg voorbereiden en het gesprek bewaken. Begin met wat vastzit, niet met een rondje. En laat elk onderwerp eindigen in een besluit, een actie of volgende keer.

Wat is het verschil tussen werkoverleg en werkbespreking?

De woorden worden vaak door elkaar gebruikt. Met werkoverleg bedoel je meestal het vaste overleg over het werk: wat vastzit, wat er besloten moet worden en wie wat doet. Een werkbespreking gaat vaak over één onderwerp of één klus, in de diepte. Spreek in het team af wat jullie met elk woord bedoelen, dan weet iedereen wat hij kan verwachten.

Hoe vaak heb je teamoverleg in de zorg?

Daar is geen vaste regel voor. Een zorgteam werkt in diensten, dus is niet iedereen bij elk overleg. Kies een vast moment dat in het rooster past, elke week of elke twee weken, en zorg dat wie er niet was het verslag en de besluiten kan teruglezen. Voor wat elke dag speelt, is een korte dagstart beter dan een langer teamoverleg.

Wat zet je in de notulen van een werkoverleg?

De besluiten, de acties met een naam en een moment, en wat naar volgende keer gaat. Zet erbij wie er was. Wie wat zei, hoeft er niet in: de notulen zijn er om afspraken terug te vinden. Hoe sneller het verslag bij het team is, hoe beter.

Op maandag weten waarvoor je het doet.

Je betaalt per bord, niet per persoon: € 50 per maand voor 1 bord, € 90 voor 2 en € 120 voor 3, zonder btw. Je rekent online af en begint meteen.